Nog geen account? Registreer

09 Sep
Antwerpen Antwerpen

MAS UNDER CONSTRUCTION

Hallo!

Wees Welkom!

In de blogberichten vind je een gedetailleerder programma

Om zeker te zijn van een plaats voor de workshops van Piazza dell’ arte! Schrijf je zo snel mogelijk in via antwerpen@amuseevous.be!

Of wil je graag op de werf van het MAS? maak een Ode aan het MAS, zend die voor 15/9 naar antwerpen@amuseevous.be en win een EXCLUSIEF WERFBEZOEK!

reacties (0)
07 Sep
Annelies Annelies

Tais-toi, Soiree Belle! 5 maart MSK Gent

AmuseeVous doet het weer.
Stil zijn en schoon wezen is niets voor ons.
5 maart wordt het MSK overspoeld door jong talent…

Een ongewone museumavond vol artistieke chaos.
Jonge artiesten brengen hun werk in dialoog met de fantastische collectie en de prachtige architectuur van het museum.

Bezoekers krijgen gratis de nieuwe Amuseevous museumgids! De gids is gemaakt door een jongerenredactie.
Illustraties : Brecht Vandenbroucke
Vormgeving: Kryzstoff Dorion

Inkom 1€

++++ Het programma ++++
( Het programma wordt nog aangevuld, check de updates hier)

KRAAI vs. BALEIN
Een alternatieve gidstour door Maarten Inghels, Tim Devriese, Bram Bracke, Ivo Allewaert, Wouter Rogiest en Eva Mouton

—- + BEELDENDE KUNST +—-
- Illustraties gemaakt voor het museumgidsje
door BRECHT VANDENBROUCKE
-Tekeningen uit de KotRoute Gent van SOFIE VANDERLINDEN
- SAMMY BEN YAKOUB
- SAMUEL VANDEREKEN
- GUY SLABBINCK
- KLAAS VAN DER LINDEN
- KEVIN TRAPPENIERS
- KATRIJN SCHATTEMAN
- MAARTEN VAN ROY
- BRAM DE JONGHE
- BERTEN JAEKERS
- MEGGY RUSTAMOVA
- JOHAN GELPER
- RUTH BOUDRY
- HET NAAIATELIER

—-MUZIEK -(i.s.m. Glasvocht Records)
- MOONY
- SIMPLE BRAIN
- BAS EN FALCO
- HOMELANDS
- LOOK’N TREES
- PICTURESQUE
- ARJAN VANMEENEN

—-DANS—-
Het museum is een fantastische plaats om dans te presenteren. We zoeken daarom nog naar Dansprojecten. Stuur een voorstel naar gent@amuseevous.be

contact organisatie:
gent@amuseevous.be

www.mskgent.be
www.amuseevous.be
www.glasvochtrecords.com
www.kraai.be

07 Sep
Annelies Annelies

Ons team

Met het talent, de ideeën en de kracht van 18 studenten creëren we de mooiste projecten in Gentse musea.

Heb je een hart voor kunst en cultuur en organiseer je graag evenementen, dan ben je zeer welkom om ons team te vervoegen. mail gent@amuseevous.be

Momenteel wordt AmuseeVous Gent ondersteund door
Quirine Verlinde,Maarten De Grauw, Jelena Backx, Sofie van der Linden, Stefanie Rousseaux, Aeneas De Baets, Brecht vandenbroucke, Krystoff Dorion, Bert Jacobs, Silke De Smedt, Zoë Dejager, Caroline Baert, Eva Mouton, Heleen Debruyne, Sarah Beernaert, Stijn Vander Poorten, Karen Van Ginderachter, Nena Driehuizen, Heleen Rijckaert, Fien Kestelyn

Tijdens de organisatie van een evenement komen we samen om tentoonstellingen te bezoeken en te brainstormen over het programma van een Soirée. Iedereen krijgt per twee of alleen de verantwoordelijkheid over een deel van de organisatie.
Zo zijn er mensen die zich ontfermen over de grafische vormgeving, communicatie, artistieke begeleiding, muziek-fim-dans of toneel programmatie, techniek, bar, fotografiedocumentatie van het project, vrijwilligerscoördinatie, signalisatie en schrijvers (catalogi-programmaboekje-website)…
Alle suggesties zijn welkom en worden besproken.

07 Sep
Annelies Annelies

Kotroute Gent 20/11/08

AmuseeVous nodigt je uit op de kotroute. Jonge kunstenaars nemen studentenkoten in handen De 20 koten in Gent worden voor 1 dag omgedoopt tot kleine musea.

Met een knipoog naar Marcel Broodthaers tonen enkele kunstenaars en kunststudenten performances en installaties. De kotroute loopt in een parcours doorheen het centrum van de stad.

Het beloofd een fantastisch project in Gent te worden .

Van zwevende ballonnen en bomen tot geconserveerde installaties. Rechtvaardige mossels , kleine lapjes en grootse ideeën Een chaos van tekeningen en geluiden. Verzamelingen van waarde en esthetiek. projectie- werelden en verhalende zolders.
Trouwpartijen voor één minuut en kattebellekes van liefde. geniet van de warme gastvrijheid van elke koteigenaar.
Ze verwelkomen u in hun museum voor één dag.

Sofie Van der Linden maakte van elk kot een tekening die te zien zal zijn op het infopunt en op de voordeur van elk kot.

PRAKTISCH

De route kan via de fiets of de auto afgelegd worden .
De koten zijn te herkennen aan de panelen aan het raam met het ‘kotroute’ logo. Verzamel alle 20 postkaartjes van de artiesten in de koten.

De koten zijn te bezichtigen van 16u tot 22u.
Stadskaarten van de route zijn te verkrijgen in verschillende café’s, alle deelnemende koten en de balie in het S.M.A.K. ( en algauw op deze site)
Meer informatie over de kotroute en marcel Broodthaers is te verkrijgen vanaf 16U op het infopunt in het S.M.A.K..

kunstenaars: Wouter Viaene, Sofie van der Linden, Bert Jacobs, Dieter ohler, Christophe Willekens, Elly Van Eeghem, Steven Baelen, Olivier Bacquet, Berten Jaekers, Marie Lambert, Carolien van de hole, yves Velter, Koen Vromman en jeugdtheater Larf

Kunststudenten KASK: Simon Vanheulom, Kristan Vander Heyden, Sylke Ophalvens , Sofia wijnendaele , Sarah Geirnaert, Kristof De Borle, Robbert Goyvaerts, Marijke Respeel, Maarten Devoldere, Jojanneke De Vet, Geeraard Respeel, Frank Merkx, Karen Spiessens, Stijn Vanderpoorten, Bert Jacobs en studenten 1e jaar Bachelor Beeldende Vormgeving Sint Lucas.

De richting Multimediale vormgeving KASK zorgen voor performances tijdens de afterparty Art@nite in de inkomhal S.M.A.K.

Vanaf 22u : DJ’s Gerrit K (Mish Mash Stubru), Buzz ( Skeemz), Jo Hancock (Charlatan)

contact: gent@amuseevous.be

04 Sep

Spitsbergen

Beste vrienden,

Vorige zomer organiseerde het laboratorium voor Polaire Ecologie van de Universiteit Antwerpen een wetenschappelijke expeditie naar Spitsbergen, het Noordpoolgebied. Zeven kunstenaars ,Caroline Coolen (beeldhouwer), Eva De Roovere( muzikante), Diego Franssens( fotograaf), Tom liekens(kunstschilder), Ramsey Nasr (dichter-schrijver), Johan Terryn (televisiemaker) en Kathleen Vermeir (videokunstenaar) ,de kans om daaraan deel te nemen. De doelstelling was om zowel studenten uit een wetenschappelijke richting als kunstenaars samen een tijd te laten doorbrengen in de overweldigende ruimte en isolatie van het poollandschap, en hen elk vanuit hun eigen invalshoek te laten nadenken over dit landschap.

Het beeldende luik kwam in de vorm van een grote tentoonstelling ‘Spitsbergen’ die tot eind augustus liep in het Hessenhuis in Antwerpen met werk van Caroline Coolen, Diego Franssens en mezelf. Vorige week heb ik ze gaan afbreken, wat ik altijd een beetje sneu vind..

Voor de cataloog nam Johan Terryn een interview met mij af over mijn ervaringen in Spitsbergen en hoe ik die verwerkte in schilderijen. Het volledige interview vind je in deze blog …

Tom Liekens,
Antwerpen , 4-09-2008

‘Ik wil geen voetbalschoen schilderen, ik wil de match verslaan…’

Een maand voor het vertrek van de expeditie naar Spitsbergen begon Tom Liekens al aan een schilderij. Twee arrensleeën die door weer en wind over een ijsvlakte suizen, aangevallen door een roedel wolven. In geen enkel opzicht vertelt dit tafereel ook maar iets over wat hij in Spitsbergen zal te zien krijgen. Maar het vertelt alles over hoe de kunstenaar te werk gaat.

TL: Ik zag toevallig een schilderijtje in een kringloopwinkel, het stelde een trojka voor die aangevallen werd door een viertal wolven. Op eender welk ander moment was het mij misschien niet eens opgevallen, maar door het nakende vertrek naar Spitsbergen trok het mijn aandacht. Ik heb het beeld ‘gegoogeld’ en ontdekte dat het een klassiek beeld is uit de Russische schilderkunst. Waarschijnlijk hangt het thema zelfs in elke Russische woonkamer aan de muur. Er bestaan ook honderden variaties op. Ik was dit nooit beginnen schilderen als ik een maand later niet zelf naar het Noordpoolgebied vertrok. Het prikkelde mijn fantasie. Ik moet altijd de noodzaak voelen om iets te schilderen.

JT: Een ijsvlakte, sneeuw, wolven… was dat de voorstelling die je had van Spitsbergen?

TL: Ik heb vooraf bewust niets opgezocht over het landschap van Spitsbergen. Ik wilde niet weten hoe het er uit zag. Ik wilde het op dat moment zelf ervaren en er geen voorgekauwd idee over hebben.
De clichés die over een bepaalde exotische plek bestaan, zijn voor mij altijd een interessant vertrekpunt. Ik wist niet wat ik mocht verwachten en toch val ik terug op enkele clichés: een ijsvlakte, sneeuw, wolven. Dat is het beeld wat niet alleen ik, maar vele mensen over de Noordpool hebben. Dus dacht ik: ik begin er alvast aan.

JT: Je vertrekt wel vaker in je werk van prentkaarten en andere kitscherige beelden, in dit geval dus een ‘Typisch Russisch Schildertafereeltje’…

TL: Ja, ik heb echt een voorliefde voor dat soort beelden, die het anekdotische niet overstijgen. Het zijn beelden die in het collectieve geheugen zitten, het zijn archetypes, iedereen kent ze… En ik hou er van om die beelden op te blazen, te vernietigen of ze in een andere context te plaatsen. Daardoor kan je dat vertrouwde gevoel kantelen en omzetten in onrust. Je kan een onbehaaglijk gevoel creëren omdat het beeld niet meer is wat het geweest is.
Dit schilderij flirt met die grenzen van de anekdotiek, maar er gebeurt ook iets mee. Doordat ik het op een monumentaal formaat weergeef, haal ik het weg uit die prentkaart context. En ik maak het verhaal nog veel dramatischer door tien keer zo veel wolven los te laten en het ook nog eens hard te laten sneeuwen. De dreiging is veel groter zo.

JT: Het valt niet meteen op, maar het tafereel is ook ontdubbeld. Je ziet twee maal exact dezelfde slee aangevallen door exact dezelfde wolven. Waarom is dat?

TL: De herhaling geeft het tafereel kracht. Doordat het met sneeuw bespat is, vermink ik in het ene tafereel, wat je in het andere tafereel nog wel kan terugvinden. Het tafereel blijft leesbaar zo.
Maar, weet je, zo gauw ik begin te schilderen, ben ik niet meer met een verhaal bezig. Dat gebeurt allemaal vooraf. Als ik schilder, ben ik met verf bezig. Ik hou ervan dat de verf samenvalt met het beeld. Kijk naar die sneeuwbui. Dat zijn spatten witte verf die door de context van het schilderij als een sneeuwbui geïnterpreteerd worden. Ik heb geen sneeuwvlokken geschilderd. Pas op, dat is allemaal mooi als theorie maar ik was wel bang toen ik die witte spatten maakte. Het is namelijk nogal een radicale en onherroepelijke ingreep.

JT: Je bent op reis vertrokken zonder dit werk af te maken, wat heb je er sindsdien nog aan veranderd?

TL: De spitse bergen. Ongelooflijk hoe de bergen in Spitsbergen bijna ‘getekend’ leken. Alsof de sneeuw een tekening maakt op de berg. Het is bijna een grafische voorstelling. Die bergen zijn zo typisch, dat ze het decor vormen in elk van mijn drie schilderwerken over Spitsbergen.

In Spitsbergen is Tom Liekens degene die wil zien hoe ver hij kan gaan in het waarnemen van het landschap. Hij zit in de koude, midden in een door zonlicht bestrooide nacht, te schilderen op zijn meegesleurde klapstoeltje. Hij wil liever geen pottenkijkers die over zijn schouder mee gluren naar het resultaat. Want er is voor hem geen resultaat…

JT: Hoewel je geen voorstelling had van het landschap, had ik toch het idee dat je vooraf al een strak plan had voor wat je wilde maken…

TL: Dat was heel dubbel. Enerzijds wou ik het helemaal op mij laten afkomen. Anderzijds weet je dat je er moet gaan werken en dat legt een druk op je schouders waardoor je toch vooraf al gaat plannen. Ik wist dat ik aquarellen ging schilderen met waarnemingen van het landschap. En ik had twee boeken mee die ik ter plekke wou lezen: “Moby Dick” en “De overwintering op Nova Zembla”. We hadden 24 uur licht en je moet toch iets met die tijd… Ik wilde iets doen met de verhalen van walvisvaarders en gestrande ontdekkingsreizigers. De historiek van een plek en de verhalen daar rond inspireren me altijd en verwerk ik ook meestal in mijn schilderijen.

JT : Waar kwam dan die stress vandaan de eerste dagen? Je zat eenzaam op rotsen te schilderen en je was nooit tevreden met wat je had gemaakt.

TL: Ik denk dat de druk om onmiddellijk tot resultaat te komen zeer sterk meespeelde. Bovendien ben ik geen landschapsschilder die naar en in de natuur werkt, maar kon ik ter plekke ook niet veel meer doen. Dat gaf geen voldoening. Pas toen ik besefte dat ik voorstudies aan het maken was en dat die aquarellen niet meer waren dan een werkinstrument, viel de druk weg en rijpten mijn plannen voor een schilderwerk.

JT: Dat is dan “Deadmen’s Island” geworden. Waarin alle interessante elementen uit je aquarellen een plek vonden. Jouw manier om een veelheid van impressies te vatten.

TL: Kijk, je zit op een rots te schilderen en je concentreert je op één berg. Die kan je dan zo goed mogelijk proberen te schilderen. Maar als je je even verzet, staat er nog zo’n berg en daarnaast nog honderden anderen. En de wolken en de zee en de vogels. Het is heel frustrerend als je dat allemaal wil vatten. Ik had het gevoel dat ik een voetbalschoen zat te schilderen terwijl ik de match wilde verslaan. Bovendien interesseert die berg of die lichtinval op zich mij niet. Wat ik wil schilderen moet een compilatie zijn van indrukken en ervaringen. Daarom waren mijn aquarellen maar schetsen: losse fragmenten die ik geschilderd heb ter plekke en die ik in mijn tent al begon samen te puzzelen. Ik heb maar 3 aquarellen gehouden, de rest heb ik weggegooid of slordig weg laten slingeren en daardoor onvermijdelijk vertrappeld in mijn atelier. Voor mij hebben ze op zich geen waarde.

JT: Toen je bij terugkeer in een souvenirwinkel in het hoofdplaatsje Longyearbyen een ijsberenvel te koop zag, viel de puzzel in elkaar…

TL: Ik zag er meteen een soort landkaart van een eiland in. Bovendien is die ijsbeer heel de reis heel aanwezig geweest. We hebben er geen enkele gezien –behalve een opgezette op de luchthaven- maar we hebben wel elke nacht wacht gehouden. De ijsbeer was er altijd, zonder aanwezig te zijn. Een beetje zoals dat vel, dat eigenlijk ingevoerd was uit Groenland om aan toeristen op Spitsbergen te verkopen. Op de vliegreis terug heb ik mijn idee met het ijsberenvel aan jou verteld: toen was het werk klaar in mijn hoofd. En de titel had ik al op de boot toen we naar ons eiland vaarden. De bootgids dropte ons in zodiacs op de kust en vertelde nog even aan de andere reizigers dat we veel moed gingen nodig hebben, want we gingen naar ‘Daudmannsdalen’, dodemanseiland. Zoiets zet natuurlijk onmiddellijk mijn verbeelding in gang.

JT: Het ijsberenvel lijkt een beetje op een ‘oplossing’, als ik dat zo mag zeggen. Een concept om een veelheid aan landschapselementen en tot de verbeelding sprekende verhalen weer te geven.

TL: Ja, en het straffe is: heel veel dingen op dit schilderij hebben we daar niet gezien. Die staart van Moby Dick, die graven van walvisvaarders, natuurlijk ook niet die scène met dat mannetje dat verscheurd wordt door een ijsbeer. En daarnaast vind je kleine landschapselementen terug die reeds in mijn aquarellen te zien waren. Het is een heel geconstrueerde collage geworden.

Tien maanden na onze terugkeer uit Spitsbergen tref ik een voldane schilder in zijn atelier. Het werk zit er op. Tom Liekens heeft er op gekauwd en vooral herkauwd. Het resultaat is nog een derde schilderwerk.

JT: Je laatste werk is pas tien maanden na terugkeer geschilderd. En naar mijn gevoel vat je hier echt de sfeer van de reis. Heeft het tijd nodig om zo’n ervaring weer te geven?

TL: Ja, en dat weet je ook op het moment zelf, dat je nog ter plekke bent of nog niet lang genoeg terug. Dan lukt dat nog niet. Eerst moet alle overtollige informatie verdwijnen. Dat we zware rugzakken hadden en heel de tijd op droge voeding moesten overleven. Dat soort dingen. Daar gaat het niet meer over. Na tien maanden blijft de essentie. In de herinnering wordt dat haarscherp. Het sensationele van dat brute landschap, dat hardhandig verlegd en versneden is door het ijs. Waar je je nietig voelt, omdat je er niet thuis hoort. Waar de dieren een soort Disney-karakters worden omdat ze niet bang van je zijn simpelweg omdat ze geen mensen kennen. Je voelt je een soort sneeuwwitje als je ’s morgens wakker wordt en de rendieren grazen voor je tent en de papegaaiduikers komen op een metertje van je af zitten om te kijken wie je bent.
Sommigen kregen tranen in hun ogen van dat oneindige landschap dat zo uitgestrekt en bruut en leeg is. Het was echt een plek waar melancholie je overvalt. Want je bent er eenzaam en je hoort er niet thuis. Dat is een rare sensatie voor een mens die de wereld als zijn thuis beschouwt.

JT: Die melancholie zit ook sterk in het mannetje voor zijn tent…

TL: Dat beeld is gestolen van de graficus Frans Massereel, het komt uit een houtsnede die‘Melancholie’ heet. Alleen zit de figuur daar in het oerwoud en verplaatste ik hem naar het hoge noorden.

JT: Dat zou je schilderkundig samplen kunnen noemen…

TL: Dat doe ik de hele tijd. Referenties maken naar prentkaarten, naar andere kunstenaars. Zie je hoe ik het grafische uitzicht van de houtsnede behouden heb en dat die net zo goed terugkeert in de manier waarop ik de bergen al had geschilderd?

JT: Maar je samplet ook jezelf. Die vogelklif, die gletsjers, sommige scènes staan identiek op de twee laatste schilderijen. Het lijkt wel op ‘copy-paste’. Je kopieert het en plakt het weer op je volgende schilderij.

TL: Als ik er eenmaal achter kom, wat voor mij de perfecte manier is om iets weer te geven, dan voel ik niet meer de noodzaak om daar nog een variatie op te maken. Daarom zit er zoveel kopieer- en plakwerk in mijn schilderijen. Ik heb stukken uit mijn aquarellen gebruikt en herbruikt, een scène uit een oud postkaartje dat ik toevallig aan het begin van de reis heb gekocht, foto’s van medereizigers. Eigenlijk probeer ik zoveel mogelijk beelden in één compositie te proppen. En zo krijg je het gevoel wat ik ter plekke had: dat je niet kan ophouden met kijken, dat er te veel indrukken zijn…

JT: Je frustratie ter plekke is – na een lang proces – een gevoel van tevredenheid geworden?

TL: Op twee aquarellen die ik ter plaatse maakte, heb ik mijn laatste schilderij gebaseerd. Die berg, dat rendier, die compositie is zelfs vrij strak behouden. In die zin zijn die aquarellen als voorstudies heel bruikbaar gebleken. Wat mij toen enorm frustreerde, het gevoel van ‘is het maar dit’, is uiteindelijk de blueprint geworden van dit schilderij. Dat is toch schoon? Dat is wat de tijd ermee doet.
Als je die bergen telkens opnieuw schildert, krijg je op een bepaald moment je eigen vertaling. Je vertaalt die berg, in mijn geval naar enkel zwart en wit, naar enkele grafische lijnen. Of dat mosgroen vertaal ik door eerst oranje te schilderen en dan daar groen over te stempelen. Je krijgt een vertaling die de waarneming overstijgt door middel van schilderkundige oplossingen. En zo krijg je een eigen visie van wat je hebt gezien.
De elementen die ik echt interessant vind in het landschap komen boven en de rest vergeet ik. Dat beeld dringt zich op.
Het was goed dat er geen deadline was voor dit werk, want dan was de deadline de noodzaak. Ik had er gewoon plots veel zin in, en dat is de impuls die ik volg. Pas op, je hoeft die noodzaak niet als een zwaar romantische gedachte zien. Ik ben er alleen van overtuigd dat een beeld niet vluchtig is en lang kan blijven sudderen.

JT: Had je dit laatste schilderij dan nodig om je project af te ronden?

TL: Ik heb wel het idee dat ik met deze drie werken heb verteld, wat ik erover te vertellen had. Je krijgt het te zien in een ‘voor’, een ‘tijdens’ en een ‘na’. Dat maakt het geheel een afgerond verhaal.

JT: Achteraf beschouwt: past dit Spitsbergen project nu binnen je werk? Is het een logisch luik geworden?

TL: Ja, net doordat er lange tijd over heen is gegaan, past het heel goed bij de rest van mijn werk. Ik ben de laatste jaren meer en meer grote landschappen beginnen schilderen met archetypische elementen in verwerkt. Zo heb ik die hele reis, die unieke expeditie, ook na lange tijd door mijn eigen koker gehaald. Het is nu niet meer een neerslag van de ervaring waarin ik mij verlies, het is een stuk van mijn werk geworden.
Al bij al is dat een meevaller, want het had ook net zo goed niét inspirerend kunnen zijn. In principe ga ik er van uit dat ik niet op de Noordpool hoef geweest te zijn om het te kunnen schilderen. Alleen had ik de noodzaak niet gevoeld om dit te schilderen zonder deze reis.
Door die ervaring ontstond de noodzaak.

Zoals ik al zei, ik ben geen landschapsschilder, ook al heb ik daar als een impressionist in het veld gezeten om het licht en de berg te vatten in kleur en vorm. Ik ben meer een romanticus: ik beleef iets en sluit me dan op met mijn herinnering. Een beetje zoals de Duitser Caspar David Friedrich, die ging een kleine potloodschets maken en ging dan in zijn atelier met gesloten luiken werken. Zijn uitspraak was: “Een slechte schilder gaat kijken hoe het is, een goede schilder wéét hoe het is…” Dat vind ik fascinerend. Ik ben gaan kijken, maar pas na lange tijd toen er alleen een gefilterd residu van die reis overbleef en ik hier in mijn atelier zat, kon ik het echt schilderen. Mijn Spitsbergen.

reacties (0)

AmuseeVous Fast Forward

Museumnacht

Op 7 augustus vindt in Antwerpen opnieuw de Museumnacht plaats en daar willen we natuurlijk bij zijn!

AmuseeVous geeft per deelnemend museum 1 jonge kunstenaar de kans om een week tentoon te stellen. Zo maken we ons eigen parcours binnen de Museumnacht, een reis naar de toekomst als het ware.

De enige vereiste die we stellen is dat er een link is tussen het ‘nieuwe’ kunstwerk en de collectie/het imago van het museum.

De deelnemende musea zijn:

Rubenshuis

Rococxhuis

Museum Mayer van den Bergh

Maagdenhuis

Cinema Zuid

FotoMuseum

ModeMuseum

Plantin Moretus Museum

Middelheimmuseum

Diamantmuseum

Zilvermuseum

MuHKA

Kotroute Gent in het Nieuwsblad

Kotroute Gent op De Standaard Online